skip to main content

Werken met het Chemie-spoor

Principe

Waterbeheerders werken met het Chemie-spoor binnen een watersysteemverkenning. Daarbij wordt enerzijds beoordeeld of er normen voor toxische stoffen worden overschreden, met de gebruikelijke KRW-toetsingen van gemeten concentraties aan de normen van de aangetroffen stoffen. Dit geldt zowel voor de prioritaire stoffen als de Nederland-specifieke stoffen. De waterkwaliteit kan wel of niet voldoen. Daarmee wordt duidelijk of er voor elk van de beoordeelde stoffen afzonderlijk sprake is van afdoende bescherming voor mens en milieu. 

Anderzijds wordt SFT2 ingezet om te bepalen in welke mate de blootstelling aan stoffen, stofgroepen en totale mengsels belemmerend is voor de aquatische ecosystemen. Dat wordt vastgelegd via de vijfklassen-indeling voor chemische verontreiniging. Dit leidt tot een ordening van locaties, en van stoffen en stofgroepen binnen die locaties. Die rangordening helpt om maatregelen te prioriteren, eerst naar plaats, daarna naar stofgroepen en stoffen binnen plaatsen.

Aanpak

De aanpak bestaat uit drie stappen:

  1. Invoer van gegevens in de rekentool
  2. Uitrekenen van de toxische druk van stoffen, stofgroepen en mengsels
  3. Interpretatie

Stap 1. De invoergegevens van het Chemie-spoor bestaan uit enkele fysisch-chemische parameters en de concentraties van de stoffen. De fysisch-chemische parameters zijn belangrijk, omdat ze de beschikbaarheid van de chemische stoffen beïnvloeden. De concentraties van de stoffen zijn belangrijk, omdat de concentratie bepalend is voor de mate van belemmering. De invoergegevens worden op de gebruikelijke manier verzameld, in de vorm van de formats die bij het Informatie Huis Water gebruikelijk zijn. 

Stap 2. De gegevens worden ingelezen in de rekentool van het Chemie-spoor. De rekentool levert als uitvoer zowel de getalswaarden van de toxische druk van stoffen, stofgroepen en totale mengsels als inzicht in de stoffen die in een monster het sterkst bijdragen en de uiteindelijke indeling in één van de vijf klassen. Een voorbeeld van de structuur van een invoerbestand voor de rekentool is hieronder weergegeven.

De toepassing van de rekentool is beschreven in een protocol. Deze vind u hier:

Voorbeeld van een invoerdata set volgens het format van het Informatie Huis Water

Stap 3. De resultaten van de serie monsters uit een watersysteemanalyse worden geïnterpreteerd. Bij de interpretatie worden de getalswaarden van de toxische druk door de rekentool omgezet in de klassen van de mate van chemische verontreiniging en dus de mate waarin ze belemmerend werken op de ecologische toestand. De hieruit resulterende rangordeningen worden uiteindelijk geïnterpreteerd in het kader van de overige beschikbare gegevens (volgens de DPSIR-aanpak) om maatregelen af te leiden.

Direct naar:

  1. Chemie-spoor

    Klik hier voor algemene informatie over het Chemie-spoor.

    Verder lezen

  2. Chemie-spoor – principes en onderbouwing

    De werking van het Chemie-spoor bestaat uit het omrekenen van concentraties van stoffen naar de toxische druk van stoffen, stofgroepen en totale mengsels, gevolgd door de indeling in vijf gradaties van chemische verontreiniging.

    Verder lezen

  3. Relatie toxische druk en effecten

    De uitkomsten van de toepassing van het Chemie-spoor in een watersysteemanalyse zijn betekenisvol voor het afleiden van maatregelen, omdat aangetoond is dat de toxische druk covarieert met belemmeringen in het handhaven van of herstellen naar een goede waterkwaliteit.

    Verder lezen

  4. Rekentool

    Klik hier om direct naar de pagina met de chemie rekentool te gaan.

    Verder lezen